Contact Stad-Forum

In 2011 is Stad-Forum opgericht. Stad-Forum is een nieuw en onafhankelijk podium in Amsterdam voor gesprekken over ruimtelijke vraagstukken in de stad.

www.stad-forum.nl
info@stad-forum.nl

 

Reactie op de Visie op Hoofdlijnen Openbaar Vervoer

ARS document - serie: 2007 nr: 09-07 [juni]

[download dit document]
Aan Stadsregio Amsterdam
t.a.v. Kernteam Regionale OV-visie
Datum   11 juni 2007



Geachte heer / mevrouw,

De Amsterdamse Raad voor de Stadsontwikkeling (ARS) heeft de Visie op Hoofdlijnen Openbaar Vervoer in de Stadsregio 2020-2030 (versie 14 maart 2007) besproken in zijn commissie OV. Hoewel het om een tussentijds concept gaat en er nog een aantal uitwerkingen moeten plaatsvinden heeft de ARS gemeend alvast een aantal van zijn bevindingen aan u door te moeten spelen. Daarbij is de Visie beoordeeld aan de hand van het in 2006 uitgebracht advies over het Regionaal Openbaar Vervoer .

Naar een Strategie

De ARS kan zich goed vinden in de principiële keuzes die de visie maakt. Het gaat dan onder meer om de koppeling met de ruimtelijke ordening (waarbij het openbaar vervoer sturend is), de hiërarchie van de knooppunten, een herkenbaar samenhangend regionaal ov-systeem, de integratie van de tarieven, de kwaliteit van de openbare ruimte van de knooppunten. Dit zijn belangrijke punten die de ARS ook heeft aangedragen in zijn advies over het regionale OV.
De koers die de visie uitzet is dus goed. De visie is echter nog te weinig concreet vanwege het ontbreken van strategieën die nodig zijn om ambities van de visie waar te maken. Hoewel een investerings-, een financierings- en een organisatiestrategie wel als verdere uitwerking staan aangekondigd in de visie, is het nog onduidelijk of deze zullen worden opgenomen in de visie die ter be-sluitvorming wordt voorgelegd aan de Regioraad. Bij de organisatiestrategie bijvoorbeeld is er een belangrijke rol voor de Stadsregio. De ARS pleit er voor deze strategieën in de uiteindelijke visie op te nemen en zwaar aan te zetten.

Trendbreuk

In de visie wordt een keuze gemaakt voor scenario 2 OV Centraal, die uitgaat van een stijging van zowel de collectieve vraag als de individuele vraag naar OV. De huidige trend wijst echter eerder naar een daling van de individuele vraag naar OV, hetgeen aansluit bij scenario 1 Kerngericht OV. Hoewel de visie terecht stelt dat de keuze voor scenario 2 niet vrijblijvend is, zal er aangegeven moeten worden hoe de groei van de individuele vraag naar OV kan worden geëffectueerd. Naar de mening van de ARS is daarvoor een trendbreuk nodig.

Toekomstbeeld

De ARS is positief over het toekomstbeeld van een flexibel, modern, transparant en toegankelijk OV-systeem waar op de belangrijkste relaties met dusdanig hoge frequenties wordt gereden dat het wel of niet aanwezig zijn van rechtstreekse verbindingen er voor de reistijd van deur tot deur er nauwelijks toe doet. Een belangrijk onderdeel is het aanbrengen van een hiërarchie in de knooppunten. Dit ligt in lijn met het ARS-advies. Er zijn echter een aantal kantekeningen te plaatsen. Hieronder wil de ARS een aantal suggesties voor verbetering meegeven:

  • Inherent aan het voorgestelde systeem (Zap-concept) zoals geïntroduceerd in het toekomstbeeld, is dat er meer overgestapt zal moeten worden. Dit betekent een vermindering van het comfort voor de reiziger. Het is vooral de vraag of dit past in een vergrijzende samenleving waarbij overstappen een extra minpunt wordt. Ook lijkt een betere toegankelijkheid (voor gehandicapten) nog onderbelicht in de visie. Een goede afweging moet daarom worden gemaakt. Voor een deel kan het probleem ondervangen worden door de inzet van flexibeler (hybride) materieel.
  • Een goede beoordeling van de opbouw van het netwerk aan de hand van de kaart op p.9 is niet goed mogelijk omdat door het ontbreken een legenda. Er is daardoor onduidelijkheid over de hiërarchie van knooppunten maar ook over de opbouw van en afstemming tussen verbindende en ontsluitende stelsels van het netwerk. Verder is het hierbij nodig te weten wat de belangrijkste herkomst/bestemmingsrelaties zijn. De visie geeft hierover vooralsnog te weinig inzicht.
  • In de visie wordt op p.8 gepleit voor een zekere mate van ontvlechting. Op bepaalde overbelaste verbindingen ligt dit voor de hand. Op andere relaties zou medegebruik van meerdere systemen (metro en rail) zeker niet uitgesloten, misschien zelfs bevorderd moeten worden (bijvoorbeeld op de lijn Amsterdam CS - Haarlem - Zandvoort).
  • Als eerste van de vier hoofdopgaven wordt genoemd het vergroten van de capaciteit op de corridor Schiphol - Amsterdam - Almere en het ontsluiten van nieuwe gebieden. De ARS meent dat op deze corridor het vergroten van de systeemsnelheid vooral van belang is.
  • Tot slot wil de ARS er op wijzen dat voor een samenhangend systeem naast de acties zoals vermeld bovenaan p.6 ook de dienstregelingen op elkaar afgestemd dienen te worden.


De ARS wenst u veel succes bij de verdere afronding van de Visie en wordt graag op de hoogte gehouden van de verdere besluitvorming.

Met vriendelijke groet,


Mw. drs. E. Eshuis
(voorzitter)

Dhr. drs. H.C. Grünhagen
(secretaris)